Spaarloonregeling

De overheid biedt vanaf 1 januari 1994 iedere werkgever de mogelijkheid om een zogenaamde "Spaarloonregeling" in het leven te roepen. In geval van deze regeling houdt de werkgever op het bruto loon van de werknemer een bedrag van maximaal € 788 in.

Een belangrijke drijfveer van de overheid om zo'n regeling in te voeren is bevordering van duurzaam bezit en privé-pensioenen. De werknemer hoeft over zijn/haar "spaarloon" geen loonheffing en premies sociale verzekeringen te betalen. De hoogte van dit voordeel is afhankelijk van het belastingtarief over de top van zijn/haar inkomen: 32,35%, 37,60%, 42,00 of 52,00%.

Het "spaarloon" mag op verschillende manieren worden aangewend/gespaard.

Allereerst kan de inhouding worden gestort op een geblokkeerde spaarrekening. Hierop dient het vier jaar te worden vastgehouden, waarna het voor de werknemer beschikbaar komt ter besteding. Over de rente kan meteen worden beschikt.

Verder is het mogelijk om het meteen zonder blokkering aan te wenden voor de aankoop van een eigen woning. Vervolgens mag het ook direct worden gebruikt als premie/inleg voor een levensverzekering. Dit mag zowel een- niet verpande-verzekering zijn om belastingvrij te kunnen sparen als een lijfrenteverzekering, welke bedoeld is voor aanvulling van pensioen of om eerder te kunne stoppen met werken. Bij de laatste mogelijkheid is de premie aftrekbaar voor de inkomstenbelasting, waardoor een dubbele belastingbesparing wordt bereikt.

Informatie aanvragen